Zuid-West 380 kV

Zuid-West 380 kV



Milieueffectrapportage

Een m.e.r.-procedure (milieueffectrapportage) is een wettelijke procedure waarin onderzoek wordt gedaan naar de milieueffecten van belangrijke ruimtelijke beslissingen. Hiermee krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming. In de m.e.r.-procedure worden verschillende tracéalternatieven tegen elkaar afgewogen aan de hand van alle relevante (milieu)criteria. De m.e.r.-procedure kent de volgende stappen:

Stap 1 Startnotitie 
Het eerste op te stellen document in de m.e.r.-procedure is de startnotitie. Hierin geven de ministers van EL&I en I&M (hierna het bevoegd gezag) aan wat het voornemen is en dat daartoe de m.e.r.-procedure wordt doorlopen. Ook wordt in de startnotitie globaal beschreven waarom deze activiteit noodzakelijk is, wat het doel is en welke milieueffecten kunnen worden verwacht.

Stap 2 Inspraak en advies 
Het bevoegd gezag legt de startnotitie ter inzage en doet daarvan een openbare kennisgeving. Een ieder kan binnen zes weken door middel van een inspraakreactie aangeven wat naar hun mening in het MER aan de orde zou moeten komen. Tegelijk stuurt het bevoegd gezag de startnotitie voor advies aan de onafhankelijke Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie m.e.r.) en de wettelijk adviseurs (de Inspecteur-Generaal van de I&M-Inspectie en de directeur Natuur van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit). Deze brengen binnen negen weken advies uit over de te onderzoeken milieuaspecten. De Commissie m.e.r. bestudeert bij het opstellen van haar advies de inspraakreacties.

De Commissie m.e.r. is een onafhankelijk orgaan van deskundigen. Dit orgaan is bij wet ingesteld. De Commissie geeft adviezen aan het bevoegd gezag. Daarnaast bewaakt ze de feitelijkheid en de kwaliteit van het MER. In de m.e.r.-procedure geeft zij bovendien advies over de richtlijnen voor en de toetsing van het MER.

 

Stap 3 Richtlijnen 
Op basis van de startnotitie, inspraakreacties en adviezen stelt het bevoegd gezag de richtlijnen vast. De richtlijnen geven aan welke aspecten in het MER behandeld moeten worden en op welke manier dat moet gebeuren.

Stap 4 Opstellen van het milieueffectrapport
Het bevoegd gezag stelt vervolgens aan de hand van de richtlijnen het feitelijke MER op.

Stap 5 en 6 Inspraak en advies
Als het MER is afgerond, maakt het bevoegd gezag dit in een kennisgevingadvertentie bekend en wordt het MER gelijktijdig met het ontwerp-besluit over het tracé (het ontwerp-rijksinpassingsplan) en de ontwerp-vergunningen voor de hoogspanningsverbinding ter inzage gelegd. Er volgt weer een periode van inspraak en advies. De terinzagelegging van het MER en het ontwerp van het besluit over het tracé en de ontwerp-vergunningen is voorzien in de eerste helft van 2011.

Stap 7 De commissie m.e.r. wordt nogmaals om advies gevraagd
De commissie beoordeelt of in het MER de essentiële informatie om het besluit te kunnen nemen aanwezig is en verwoordt dit in een toetsingsadvies. De eerder vastgestelde richtlijnen vormen hierbij het toetsingskader. Ook de ingebrachte zienswijzen worden door de commissie meegenomen in haar toetsingsadvies.

Stap 8 Besluit
Dit is het definitieve MER. In het hierboven genoemde definitieve rijksinpassingsplan houdt het bevoegd gezag rekening met het MER en de inspraakreacties en de adviezen.

beschrijving