Elektrische en magnetische velden
Elektrische, magnetische en elektromagnetische velden komen van nature overal in het milieu voor. Bekende vormen van elektromagnetische velden zijn UV-straling (zon) en infrarode straling (warme voorwerpen), maar ook zichtbaar licht. Elektromagnetische velden worden ook bewust opgewekt voor toepassingen als de zonnebank, warmtetherapie, magnetron, inductie-koken en zendmasten voor radio, tv en telefonie. Maar ook bij de opwekking, distributie en het gebruik van elektriciteit ontstaan onbedoeld elektromagnetische velden. Deze velden zijn dan ook aanwezig bij hoogspanningslijnen, de elektrische installatie in huis en elektrische huishoudelijke apparaten.
Onderzoekers bekijken al tientallen jaren of het ongezond is om in de buurt van hoogspanningslijnen te wonen of te verblijven. Er is gekeken naar verschillende vormen van kanker, Alzheimer en andere ziektes. Op één uitzondering na, is er geen invloed gevonden op de gezondheid. De uitzondering is leukemie bij kinderen tot vijftien jaar. Er is een verhoging van de kans op deze ziekte gevonden bij kinderen die in de buurt wonen van hoogspanningslijnen, daar waar het magnetische veld hoger is dan ongeveer 0,4 microtesla. De onderzoekers kunnen, op basis van de gedane onderzoeken, niet zeggen wat de oorzaak is van de geringe verhoogde kans op de ziekte.
Onderzoek heeft niet geleid tot aanwijzingen over hoe magnetische velden invloed hebben op lichaamscellen. Er is dus geen biologische verklaring voor de gevonden verhoogde leukemie. De verhoogde kans kan dus ook te maken hebben met één of meer andere (omgevings) factoren.
Uit voorzorg heeft het Rijk besloten om zo min mogelijk nieuwe situaties te scheppen waarbij kinderen langdurig zijn blootgesteld aan (elektro)magnetische velden boven een bepaalde grens, namelijk 0,4 microtesla per jaar (microtesla is de eenheid waarin elektromagnetisme wordt gemeten). Dit betekent, afhankelijk van het soort lijn, een afstand van minimaal 30 tot 200 meter.